1.7 Interbestuurlijk toezicht

Kader

Op 1 oktober 2012 is de Wet revitalisering generiek toezicht in werking getreden (zie ook de informatienota Interbestuurlijk toezicht 2013/393816). Deze wet vormt de basis voor het nieuwe interbestuurlijk toezicht (IBT): het toezicht van de ene overheid op de andere. Hierdoor komt er een eind aan veel specifieke toezichtbepalingen. Het toezicht wordt eenvoudiger en transparanter.

Uitgangspunt is het vertrouwen in een goede taakuitoefening door de gemeente. Daarbij hoort dat de horizontale verantwoording (college aan raad) en het horizontale toezicht (raad op college) op orde zijn. Het toezicht op de uitvoering van medebewindstaken door het college ligt primair bij de raad. De Haarlemse praktijk is dat de raad de informatie die voor haar sturende en controlerende rol nodig is via de P&C documenten (en parallelle verantwoordingsdocumenten) ontvangt.

Invulling interbestuurlijk toezicht door provincie
Het uitgangspunt is dus dat de raad in eerste instantie toeziet op de uitoefening van medebewindstaken door het college. Daarnaast heeft de provincie Noord-Holland in het kader van het interbestuurlijk toezicht behoefte aan systematische informatievoorziening op een aantal specifieke beleidsterreinen. Het zwaartepunt van het interbestuurlijk toezicht door de provincie ligt bij vier risicovolle taakvelden, namelijk ruimtelijke ordening, omgevingsrecht, externe veiligheid en archiefbeheer (vastgelegd in de provinciale informatieverordening). Hier moet jaarlijks verantwoording over worden afgelegd door het college. Daarnaast heeft het interbestuurlijk toezicht ook betrekking op incidentele onderdelen. De provincie heeft daarin een reactieve houding en treedt alleen op wanneer er aanleiding is op basis van bijvoorbeeld een klacht of een mediabericht. Het stelsel van financieel toezicht wijzigt overigens niet.

Interbestuurlijk toezicht op vergunningverlening
Bovengenoemde proceseisen gelden per 14 april 2016, met de inwerkingtreding van de Wet tot wijziging van de algemene bepalingen omgevingsrecht (verbetering vergunningverlening, toezicht en handhaving), naast toezicht- en handhaving ook voor vergunningverlening. Omdat per 1 juli 2017 de wetgeving hieromtrent nogmaals is gewijzigd, wordt vergunningverlening in 2017 nog niet volledig beoordeeld aan de hand van de zogenaamde BIG-8. Naar alle waarschijnlijkheid zal dit in de beoordeling van 2018 wel worden meegenomen.

Toezichtgebieden

In 2017 is voldaan aan de specifieke informatieplicht richting de provincie. Hieronder wordt verslag gedaan van de bevindingen van de provincie naar aanleiding van de in 2017 toegezonden informatie.

Externe veiligheid

Omdat er in Haarlem geen bedrijven zijn gevestigd met een verhoogd of verzwaard veiligheidsrisico als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) hoeft hierover in het kader van het IBT niet gerapporteerd te worden. Bedrijven met een verminderd verhoogd risico zijn wel aanwezig, maar nu zich de afgelopen jaren geen gevallen van sanering hebben voorgedaan, bestaat ook op dit punt in het kader van het IBT geen actieve informatieverplichting. De raad wordt wel regulier via het jaarverslag uitvoeringsprogramma Omgevingsdienst IJmond op de inhoud geïnformeerd over externe veiligheid.

Ruimtelijke ordening
De beoordeling van de medebewindstaak Ruimtelijke Ordening (RO) is gericht op de aanwezigheid en actualiteit van bestemmingsplannen en structuurvisies. De provincie concludeerde al in 2015 dat de gemeente een goede structuurvisie heeft en dat alle bestemmingsplannen actueel zijn. Ook in 2017 is de provinciale beoordeling voor de taakuitvoering van de aanwezigheid en actualiteit van ruimtelijke plannen als adequaat gekwalificeerd.

Omgevingsrecht

De provincie heeft de gemeente ten aanzien van de medebewindstaak Vergunningen, Toezicht en Handhaving Omgevingsrecht over 2016/2017 aangegeven dat de gemeente haar taak redelijk adequaat uitvoert. De verbeterpunten worden vooral gezien in het duidelijker beschrijven van de doelen en resultaten van de wettelijke taken op het gebied van RO/BWT. Dit, zodat het voldoen aan de eisen uit de wetgeving beter, herkenbaarder en zichtbaarder in de stukken naar voren komt.

Archiefwet

De naleving van de Archiefwet- en regelgeving in Haarlem in het jaar 2017 is door de provincie als redelijk adequaat gekwalificeerd. De provincie complimenteert de voortgaande verbetering van het archief- en informatiebeheer. Daarnaast benoemt zij nog de volgende overgebleven belangrijke aandachtspunten, waar de gemeente reeds uitvoering aan geeft:

  • Het vinden van een oplossing voor de bewerking en overbrenging van het ‘hybride’ archief (periode 2008 t/m 2017);
  • Daar waar nodig uitbouwen en/of verbeteren van het kwaliteitssysteem en van de kernregistratie IPA om de kwaliteit van het informatiebeheer, inclusief het uitvoeren van nieuwe privacywetgeving, continu te monitoren en te verbeteren;
  • Het bewerken en overbrengen van de wettelijk nog over te brengen bodem-, hinderwet- en milieudossiers vóór 1 januari 2020.